Hond wormen

Wormen zijn een veelvoorkomend en vaak onzichtbaar probleem bij honden. Ze zijn gevaarlijk voor de gezondheid van het dier, maar ook voor de mens. Hoe voorkom je een wormbesmetting?

Besmetting
De meest voorkomende wormen in Nederland zijn spoelwormen, lintwormen, zweepwormen en haakwormen. Een hond kan besmet raken met deze wormen door:

de ontlasting van andere besmette dieren;
het eten van bijvoorbeeld een besmette prooi, bijvoorbeeld een muis;
eitjes en larven in de omgeving, bijvoorbeeld door te likken aan de grond;
parasieten zoals vlooien en luizen.
Vrijwel alle pups hebben last van spoelwormen. Dit komt omdat vaak veel volwassen honden besmet zijn met spoelwormen maar deze zich in een ‘ruststadia’ in het lichaam begeven. Zodra de hond drachtig is, worden deze wormen actief. De pups raken besmet met wormen via de placenta en de moedermelk.

Symptomen
Wormen zijn meestal een onzichtbaar probleem. Je ziet pas de symptomen van een wormenbesmetting, als je dier dusdanig verzwakt is. Bij pups is een wormeninfectie te herkennen aan het ‘wormenbuikje’. Je pup heeft een dik buikje, maar is voor de rest mager en groeit slecht. De pup heeft tevens last van diarree en winderigheid en soms ook van braken.

Een volwassen hond met een wormenbesmetting heeft soms een wat dunne ontlasting (met bloed), braakt, gewichtsverlies, slechte conditie en een doffe vacht. Wanneer je hond last heeft van een lintworm heeft hij vaak last van anale jeuk, de hond gaat dan ‘sleetje rijden’, hij schuift zittend over de vloer heen.

Let op: wormeneitjes zijn niet met het blote oog zichtbaar. Bij een beginnende wormenbesmetting ziet de ontlasting er vaak hetzelfde uit als normaal. Wanneer je vermoedt dat je hond een wormenbesmetting heeft, ga dan direct naar de dierenarts.

Wormenbesmetting bij de mens

Spoelwormen kunnen ook overgebracht worden op mensen. Vooral jonge kinderen die buitenspelen in het gras en/of in de zandbak en vervolgens hun handen in hun mond stoppen kunnen besmet raken. Mogelijke symptomen: misselijkheid, buikpijn, hoesten, spier- en gewrichtspijn, overgeven en huiduitslag. Het is zelfs mogelijk dat een worminfectie het gezichtsvermogen aantast of epilepsie veroorzaakt.

Behandeling
De meeste wormeninfecties zijn gelukkig gemakkelijk te behandelen met een ontwormmiddel. Ontwormmiddelen zijn er in tabletvorm, pasta’s en druppels. Wanneer je echter symptomen herkent, zorg dan dat je naar de dierenarts gaat. Het kan dan zijn dat je kat al een langere tijd last heeft van een worminfectie. De dierenarts kan onderzoeken om welke wormensoort het gaat en een behandelplan opstellen. Dit kan bestaan uit medicatie (ontwormmiddelen) en/of een infuus en/of antibiotica.

Voorkomen
Zowel voor mens en dier is een wormenbesmetting gevaarlijk. Wanneer je de symptomen van een wormbesmetting ziet, is het vaak al te laat. Daarom wordt er geadviseerd om je hond minimaal 4 keer per jaar te ontwormen. Op deze manier kan een wormbesmetting nooit uit de hand lopen. Pups dienen echter in het begin vaker ontwormt te worden, aangezien ze gevoeliger zijn om een wormbesmetting op te lopen. Start met het ontwormen van een pup vanaf een leeftijd van 2 weken. Ontworm je pup vervolgens met 4, 6 en 8 weken en vervolgens met 3, 4, 5 en 6 maanden. Vanaf hier je hond 4 keer per jaar ontwormen.

Wanneer ontwormen?
Wormen komen het gehele jaar voor. Daarom is het belangrijk je huisdier het gehele jaar te beschermen tegen wormen, het precieze tijdstip van ontwormen maakt daarom niet uit. Zorg wel dat je hond de wormenkuur minimaal twee weken voor zijn jaarlijkse enting heeft gehad. Een wormenkuur tast namelijk het afweersysteem aan.

Vlooienpreventie, tegen lintworm
Sommige wormen hebben meerdere gastheren nodig om van eistadium uit te groeien tot het volwassenstadium. Zo zijn vlooien en luizen vaak een gastheer voor de lintworm. Wanneer je hond vlooien heeft kan het daardoor zo zijn dat je hond ook een wormeninfectie oploopt.

Wormbesmetting bij de mens voorkomen
Hoe kun je een wormbesmetting voorkomen bij jezelf? Wij geven je graag een aantal tips:

ontworm je hond regelmatig;
ruim de ontlasting van je hond direct op;
laat je hond niet uit bij een speelplaats voor kinderen;
sluit de zandbak af wanneer deze niet gebruikt wordt;
was de handen na het buitenspelen of tuinieren;
was groente en fruit uit de tuin altijd goed af.
Wees alert op de eerder genoemde symptomen. Zodra je vermoedt dat je kind of jezelf een wormbesmetting heeft opgelopen, raadpleeg dan je huisarts.

Dierenarts
Wanneer je vermoedt dat je hond wormen heeft, ga dan direct naar de dierenarts. De dierenarts onderzoekt dan om welke wormensoort het gaat en stelt vervolgens een behandelplan op.